Ingekomen post
Terug naar lekker Gelopen? KLIK HIER
Ingekomen: 6 september 2011
Hollen maar!
Ohh, loop jij marathons? Maar dat kan toch helemaal niet als haptotherapeut? Je negeert je grenzen en pleegt roofbouw op je lijf! Je luistert niet naar je gevoel!
Zo kan ik er nog wel een paar noemen. Vooroordelen die men heeft over het duurlopen. En dan zijn dat voornamelijk mensen uit onze beroepshoek.
Ik wil jullie graag vertellen wat het hardlopen met mij doet en waarom ik denk dat het juist een prachtige aanvulling kan zijn voor onszelf als therapeut maar ook voor onze cliënten.
Ik ben begonnen met hardlopen op 49 jarige leeftijd met het idee dat ik het niet kon en niet leuk vond. Maar ja, ik werd gevraagd door een enthousiasteling en durfde niet echt te weigeren. Het lopen werd snel leuk en ging ook rap veel langer. Verbazingwekkend was dat; ik kan dus veel meer dan ik dacht.
Ik loop nu zo’n 4 jaar en heb 2 marathons gelopen. Technisch gesproken 3 maar vlak voor het vertrek naar IJsland om in Myvatn te gaan rennen overleed mijn moeder. De dag, 18 mei jl. dat de feestelijke presentatie van het boek De Puberparadox, Blijf een beetje dichter uit mijn buurt, haptonomische begeleiding voor jongeren, in Doorn werd gehouden, waar ik naast Tonny van Banning en Gerrit Hammink mede-auteur van ben, kreeg zij op de terugweg een herseninfarct en is 3 dagen later overleden.
Uiteraard wilde ik niet naar IJsland gaan omdat ik met mijn familie wilde zijn maar de training van minimaal 100 dagen en 800 km hardlopen in totaal had ik al afgerond. De marathon was eigenlijk een kwestie van doen, van uitbetalen waarvoor ik al die tijd bezig was.
Wat maakt dat hardlopen zo bijzonder vraag je je inmiddels misschien af?
Het bijzondere is dat ik juist door de inspanning op een dieper nivo contact maak met het lichaam. Ik kan zonder horloge met snelheidsmeter voelen hoe hard ik ongeveer ga (en dat is niet zo heel hard) en dus ook voelen wanneer het voor mij te hard gaat. Dan wordt het ploeteren en dat is niet wat ik wil. Mijn snelste marathon was in Rotterdam, 4 uur 15 min. En dat zal wel de snelste blijven vermoed ik. De eerste 3 km zijn zwaar, de ademhaling moet nog aangepast worden aan de inspanning en de spieren moeten nog gewarmd worden. Dat weet ik inmiddels en daar moet ik doorheen. Door te erkennen dat het moeite kost kan ik dat accepteren. Als dat eenmaal ‘loopt’ dan komt het plezier. Ik voel mijn voeten in mijn schoenen en door de zolen heen de grond. Soms verend zoals in het bos, andere keren glad door het ijs. Juist bij die gladheid moet ik contact blijven maken anders glij ik weg. Ik voel de wind langs mijn lijf en vaak de zon op mijn gezicht. Ik voel de kracht van mijn geest en de uitdaging om weer die afstand te rennen. Ik ren regelmatig alleen en kom dan op mooie gedachten en goede ideeën. Ik voer gesprekken met mensen en nu dus veel met mijn moeder. Ik krijg antwoorden en die komen uit mij. Uit het deel wat ik in mijn normale dagelijkse leven niet voldoende aanspreek of waar ik niet kan komen door te weinig rust of tijd.
Samen met mijn loopmaatje rennen we door het prachtige Westland en Midden -Delfland en ervaren de natuur in elk jaargetijde. Onze zintuigen worden geprikkeld. We ruiken het gras en de mest. We horen de vogels met elkaar kwetteren in een boom of in de lucht als zij gezamenlijk vertrekken naar het warme zuiden. We horen en zien ook de pasgeboren lammetjes waar we dan even bij stil moeten staan. Zo lief en ontroerend!
Inmiddels zijn dat al wat knorrige pubers die hun ouders imiteren in hun gedrag maar voor ons blijven ze die leuke kleintjes. We zien een machtige haas, die er als een haas vandoor gaat. We zien grote koeien elegant en wulps in het gras liggen. Ja, echt waar! Let maar eens op.
We proeven de vliegjes die onvermijdelijk in de mond vliegen; zeker als je zoveel praat als wij! En ik voel mijn lijf. Het beweegt, het werkt en laat ons voelen dat we leven. Maar ik voel ook die ander. De snelheid moet worden afgestemd en soms wat aangepast. De afstand tot elkaar, de bochten die genomen moeten worden, het zijn stilzwijgende afspraken meestal. Soms niet, met name als je er niet bij bent met je gevoel, dan kun je last hebben van elkaar. We helpen ook door die ander te wijzen op dat wat niet loopt. Het spel van ‘lijntje leggen’ vind ik zo boeiend. Als ik een loper tegenkom die aan dezelfde kant loopt als ik dan bepalen we op tientallen meters al wie er opzij gaat. Soms heb ik geen zin om opzij te gaan en dat wordt vrijwel altijd stilzwijgend geaccepteerd op grote afstand.
Het contact met andere lopers of wandelaars is er een van respect en bevestiging. We zien elkaar, begroeten elkaar en voelen een gezamelijkheid die ik als plechtig ervaar.
Op een ander nivo is dat tijdens een wedstrijd. Het publiek roept en klapt en ik word als het ware op handen gedragen naar de finish.
Natuurlijk is het ook zwaar, in de winter koud en glad. Ik word vaak nat van de regen en vermoeid van de wind maar het is wel de natuur waar mijn lijf contact mee maakt. En dan heb ik er minder moeite mee en stel mij nederig op. Ik heb ook wel eens de man met de hamer ontmoet. Eigenlijk zonder aanwijsbare reden helemaal kapot zijn op een afstand die anders geen moeite is. Uren daarna was ik nog huilerig en kwetsbaar. Maar ook daar leer ik van. Ik geef er aan toe, ben lief voor mijzelf en sta wat later weer stevig op mijn benen.
Mijn grootste les was dat mijn ‘veld der mogelijkheden’ veel groter blijkt dan ik dacht. Dat is fijn om te ervaren. Dat geeft mij de mogelijkheid om soms meer te relativeren en mijzelf (en de ander) niet te onderschatten. In contact met mijn lijf, dat wel.
Ik zou zeggen: hollen maar!
Maaike van Leur.
Terug naar lekker Gelopen? KLIK HIER
